Iedereen heeft het over kleurbeheer bij digitaal drukken. Dat klinkt vaak ingewikkeld en tijdrovend, en voor beginners bijna onbegrijpelijk. Daarom volgen hier de basisfeiten, kort en eenvoudig.
Kleurbeheer, wat is dat eigenlijk?
Apparaten zoals camera’s, beeldschermen en printers geven kleuren heel verschillend weer. Zo kan rood op het ene apparaat roze lijken en op een afdruk bijna oranje. Kleurbeheer compenseert deze verschillen, zodat uiteindelijk iedereen hetzelfde „kleurdoel” heeft.
Waar komen de verschillen in kleurweergave vandaan?
Kleuren zien er op verschillende apparaten vaak anders uit, omdat de technologie achter de afbeeldingen op verschillende manieren werkt:
1. Kleursystemen en kleurbereik
Monitoren en smartphoneschermen produceren kleuren met licht door rood, groen en blauw (RGB) in elkaar over te laten lopen. Digitale printers mengen kleuren met inkt in cyaan, magenta, geel en zwart (CMYK). Fotoprinters hebben vaak nog extra inktcartridges, bijvoorbeeld groen, oranje, rood of paars. Hierdoor kunnen ze een groter kleurbereik (gamut) weergeven. Toch is dat vaak niet voldoende om de bijzonder heldere, levendige tinten van een smartphonedisplay op papier weer te geven.
2. Verlichting en materiaal
Op schermen zie je kleuren door licht dat rechtstreeks op het oog valt. Bij gedrukte producten wordt het licht eerst door het papier weerkaatst. De helderheid, het contrast, de glans van het papier of de verlichting in de ruimte beïnvloeden hoe kleuren worden waargenomen.
Dat geldt vooral voor smartphones, die bijna altijd een instelling voor „levendige“ kleuren hebben. Maar zelfs twee identieke computermonitors voor professionals kunnen dezelfde kleur heel verschillend weergeven als ze niet gekalibreerd zijn.
3. Kalibratie en kleurprofielen
Zonder een nauwkeurige beschrijving van de manier waarop een apparaat kleuren weergeeft, voert de software de kleurconversie niet nauwkeurig genoeg uit. Dit leidt vervolgens tot afwijkingen tussen het scherm, mobiele apparaten en het afdrukresultaat. Wanneer je een ICC-profiel aanmaakt, is dat een soort handleiding voor het apparaat over hoe de kleur in een bepaalde omgeving moet worden omgerekend.

Kleurbeheer in eenvoudige stappen
Kleurbeheer vereist altijd een vastgestelde omgeving. Daaronder vallen bijvoorbeeld het beeldscherm, de verlichting, RIP-software, de digitale printer, de inkt en het afdruksubstraat. Als een of meer van deze factoren worden gewijzigd, moeten er nieuwe profielen worden aangemaakt. Dit doe je door de volgende stappen te volgen:
- Kalibratie: Een apparaat wordt zo ingesteld dat het beter aan een norm voldoet (bijvoorbeeld schermhelderheid, witpunt).
-
- Profilering: Er wordt gemeten hoe een apparaat kleuren daadwerkelijk weergeeft, en deze meetwaarden worden opgeslagen in een kleurprofiel. Dit profiel wordt opgeslagen in de software, bijvoorbeeld in het ontwerpprogramma of in de RIP.
- Controle: Er wordt een proefafdruk gemaakt of een nauwkeurige simulatie op het scherm (soft proof) om te controleren hoe het eindproduct eruit zal zien.
De eigenschappen van de apparaten kunnen in de loop van de tijd veranderen. Zo kunnen beeldschermen bijvoorbeeld donkerder worden, of kunnen bij een digitale printer de spuitmondjes verstopt raken. Daarom moet je het proces om de paar weken herhalen als je bijzonder goede resultaten wilt behalen.

Dit heb je nodig voor kleurbeheer
Voor kleurbeheer heb je minimaal een meetapparaat, profilerings- en beheersoftware en RIP-software nodig. Deze drie werken samen om ervoor te zorgen dat de kleuren op het scherm, de proefdruk en de afdruk zo veel mogelijk op elkaar lijken.
Meetapparatuur
Voor de kleurmeting wordt doorgaans een spectrofotometer gebruikt, bijvoorbeeld van Barbieri, of een colorimeter, bijvoorbeeld van Datacolor. Hiermee wordt nauwkeurig gemeten welke kleuren een afdruk op papier of op het scherm werkelijk heeft. Hiervoor drukt men een testformulier af of toont men testafbeeldingen op het beeldscherm. Deze metingen vormen de basis om later een correct kleurprofiel te kunnen aanmaken.
Software voor profilering en beheer
Deze programma’s berekenen op basis van de meetwaarden een zogenaamd ICC-profiel. Een ICC-profiel beschrijft precies hoe een apparaat kleuren weergeeft of afdrukt. De software helpt ook bij het vastleggen van de manier waarop kleuren worden behandeld bij de conversie van de ene kleurruimte naar de andere; dit wordt ‘rendering intent’ genoemd. RIP-fabrikanten zoals Caldera, Colorgate, Ergosoft, Onyx of SAI bouwen dergelijke oplossingen vaak in hun programma’s in of bieden modulaire uitbreidingen aan.
RIP-software
RIP staat voor Raster Image Processor. Dit programma bereidt een bestand voor op het afdrukken. Hiervoor zet het de kleuren om van RGB naar CMYK. Vervolgens genereert het de rasterafbeelding, oftewel de posities waar de inktdruppeltjes moeten worden geplaatst. Daarbij houdt het rekening met de eigenschappen van de printer, zoals het aantal inktcartridges of de resolutie. Het afdrukresultaat kan, afhankelijk van de gebruikte RIP, minimaal verschillen.
Certificeringen, normen en kleurbeheer
Certificeringen zijn keurmerken die aantonen dat een digitale drukkerij volgens vaste regels werkt en betrouwbare kwaliteit levert. Om een certificering te verkrijgen, moet een digitale drukkerij aantonen dat zij bepaalde stappen uitvoert: apparatuur meten en kalibreren, ICC-profielen aanmaken, proefdrukken maken en meetresultaten vastleggen.
Om een certificering zoals ISO 9001 (kwaliteitsmanagement) te behalen, is kleurbeheer in een drukkerij dus onmisbaar. Op een andere manier kunnen de vereiste kleurdoelstellingen immers niet op betrouwbare wijze worden bereikt.
Welke kleurdoelstellingen moeten worden bereikt, hangt af van de norm waaraan een drukkerij zich wil houden, bijvoorbeeld de ProzessStandard Digitaldruck (PSD).

Voordelen van kleurbeheer in de bedrijfsvoering
Kleurbeheer helpt fouten bij het afdrukken te voorkomen. Als de kleuren altijd hetzelfde blijven, hoef je minder vaak opnieuw af te drukken en verspil je minder materiaal en tijd. Het bedrijf komt professioneel over en de klanten zijn tevreden. Mocht er toch eens een klacht zijn, dan kan de oorzaak van de fout snel worden opgespoord. Of het bedrijf kan aantonen dat de afwijking nog binnen de grenzen valt die de norm voorschrijft.
Een goed opgezet kleurbeheer zorgt er bovendien voor dat werkprocessen sneller en beter planbaar verlopen. Daardoor is er minder vaak sprake van overuren en hoeven medewerkers geen vrije tijd op te offeren.
Kortom: dankzij goed kleurbeheer zijn er minder fouten, is de kwaliteit beter en zijn klanten en medewerkers tevredener.